Raskenmerken van de Entlebucher Sennenhond

Overzicht

  • Middelgrote, compact gebouwde hond, die iets langer is dan hoog.
  • Driekleurig, zoals alle Sennenhonden.
  • Opgewekte, schrandere en vriendelijke gelaatsuitdrukking.

Belangrijke grootte en verhoudingen

  • Schofthoogte reuen: 44 - 50 cm (limiet 52 cm).
  • Schofthoogte teven: 42 - 48 cm (limiet 50 cm).
  • Verhouding schofthoogte - romplengte: 8 : 10.
  • Verhouding snuitlengte - hersenschedellengte: 9 : 10.

Gedrag en karakter

  • Levendig, temperamentvol, zelfverzekerd en onbevreesd.
  • Tegenover bekenden goedmoedig en aanhankelijk.
  • Tegenover vreemden iets wantrouwend.
  • Onomkoopbare waker, opgewekt en leergierig.

Beharing

  • Aard van het haar: stokhaar.
  • Dekhaar: kort, stevig aanliggend, hard en glanzend. Dichte onderwol.
  • Kleur van het haar en aftekening: Typische driekleur. De hoofdkleur is zwart met zo symmetrisch mogelijke geel tot roestbruine en witte aftekeningen. De geel- tot roestbruine aftekeningen bevinden zich boven de ogen, aan de bakken, aan de snuit en de keel, aan de zijkanten van de borst en de vier poten. Bij deze laatste ligt het geel- tot roestbruin tussen het zwart en het wit. Onderwol: donkergrijs tot bruinachtig.
  • Witte aftekeningen: Goed zichtbare smalle witte bles die van de bovenschedel, zonder onderbreking doorloopt over de neusrug en die de snuit geheel of gedeeltelijk kan omvatten. Wit vanaf de kin over de keel, zonder onderbreking tot aan de borst. Wit aan alle vier de poten. Ongewenst, echter getolereerd: kleine witte nekvlek (niet groter dan ongeveer een halve handpalm).
  • Bij een lange staart is een wit puntje gewenst.

Details

Bij de keuring worden de honden nauwkeurig op een groot aantal punten beoordeeld. Die punten zijn ook bij het fokken van de honden van groot belang, juist om het ras zuiver te houden. Hier onder zijn de kenmerken van de bouw: hoofd, schedel, aangezicht, ledematen, gangwerk, beharing, en aftekening gedetailleerd beschreven.

Hoofd

  • In juiste verhouding tot de grootte van het lichaam, iets wigvormig en droog. De lengte-as van de snuit loopt min of meer evenwijdig aan die van de bovenschedel

Bovenschedel

  • De schedel is vrij vlak en relatief breed, op zijn breedst ter hoogte van de ooraanzet. Hij versmalt iets naar de snuit toe. De jachtknobbels zijn nauwelijks zichtbaar. De voorhoofdsgroeve is weinig ontwikkeld en de aanzet van het voorhoofd (stop) is weinig uitgesproken.

Aangezicht

  • Neus: zwart, iets uitstekend over de voorste lippenwelving.
  • Snuit: krachtig, goed van vorm, duidelijk onderscheid tussen snuit en voorhoofd en tussen snuit en bakken. De snuit versmalt gelijkmatig, maar wordt niet spits. Ze is iets korter dan de afstand tussen stop en achterhoofdsbeen. De neusrug is recht. Bakken weinig ontwikkeld.
  • Lippen: weinig ontwikkeld, tegen de kaken aanliggend en zwart gepigmenteerd.
  • Gebit: krachtig, regelmatig en volledig schaargebit. Tanggebit getolereerd. Het ontbreken van 1 tot 2 PM1 (Premolaren 1) wordt getolereerd. De M3 (Molaren 3) blijven buiten beschouwing.
  • Ogen: vrij klein, donker- tot hazelnootbruin, min of meer ovaal met een levendige, vriendelijke en opmerkzame uitdrukking. Oogleden goed aangesloten en de rand is zwart gepigmenteerd.
  • Oren: niet te groot, hoog en relatief breed aangezet. Stevig en goed ontwikkeld oorkraakbeen. Afhangend, driehoekig van vorm en aan de punt mooi afgerond. In rust vlak aanliggend en bij aandacht aan de aanzet iets opgetrokken en naar voren gericht.
  • Hals: vrij kort en gedrongen, krachtig en droog, loopt zonder overgang over in de romp.
  • Romp: krachtig, iets gestrekt. Borst Breed, diep, tot aan de ellebogen reikend met een duidelijke voorborst. Ribbenkast langgerekt en rond-ovaal van doorsnede. Ribben matig gewelfd.
  • Rug: recht, stevig en breed, betrekkelijk lang.
  • Lendenen: krachtig, soepel en niet te kort.
  • Kruis: iets afvallend, betrekkelijk lang.
  • Onderlijn en buik: iets opgetrokken.
  • Staart: een in het verlengde van het licht afvallende kruis aangezette natuurlijke staart. Er wordt gestreefd naar een zwevende of hangende staart (geldig sinds de inwerkingtreding van het coupeerverbod) of aangeboren korte stompe staart. Natuurlijke en stompe staart zijn gelijkwaardig.

Ledematen

  • Voorhand: krachtig en gespierd, maar niet te zwaar. Niet te nauw of te wijd geplaatst.
  • Voorpoten: kort, fors, recht, evenwijdig en goed onder het lichaam geplaatst.
  • Schouders: gespierd, schouderblad lang, schuin geplaatst en goed aanliggend.
  • Bovenarm: even lang als, of slechts iets korter dan het schouderblad. Hoek met het schouderblad ca. 110-120 graden.
  • Ellebogen: goed aanliggend.
  • Onderarm: betrekkelijk kort, recht, goed stevig bot en droog.
  • Middelvoet: van voren gezien een rechtlijnige verlenging van de onderarm. Van opzij gezien iets gehoekt, betrekkelijk kort.
  • Voeten: kattenvoeten, gesloten, met gewelfde tenen, recht naar voren gericht. Nagels kort en krachtig. De voetzolen zijn stevig en taai.
  • Achterhand: goed gespierd, dijen breed en krachtig. Van achteren gezien niet te nauw, recht en evenwijdig geplaatst.
  • Bovenbeen: tamelijk lang, vormt met het onderbeen een vrij stompe hoek
  • Onderbeen: ongeveer even lang als het bovenbeen, droog
  • Spronggewricht: krachtig, relatief laag aangezet, goed gehoekt
  • Middelvoet: vrij kort, robuust, loodrecht en evenwijdig geplaatst. De wolfsklauwen moeten verwijderd worden. Voeten gelijk aan de voorhand

Gangwerk

  • Ruimgrijpende, vloeiende, vrije beweging met een krachtige stuwing vanuit de achterhand en met, zowel van voren als van achteren gezien, een rechtlijnige beweging van de ledematen.

Afwijkingen

Iedere afwijking van de hiervoor genoemde punten wordt bij de beoordeling van de hond als `fout' beschouwd. Belangrijk is om te zien in welke mate afgeweken wordt van de rasstandaard. Als de afwijking te groot is, dan zal de hond niet als 'geschikt' voor de fok worden beoordeeld.

Omschrijving afwijkingen

  • Te groot of te klein.
  • Bolle schedel.
  • Te korte, te lange of spitse snuit.
  • Ramsneus gewelfde/holgebogen neus).
  • Te lichte, te diep liggende of uitpuilende ogen.
  • Oren te laag aangezet, te klein of te spits, afstaand gedragen, vouw-oor.
  • Lichte voorbeet.
  • Het ontbreken van tanden, buiten 2 premolaren 1 (M3 worden buiten beschouwing gelaten).
  • Te korte rug, zadel- of karperrug.
  • Overbouwd of sterk afvallend kruis.
  • Borstkas spichtig of tonvormig, ontbreken voorborst.
  • Knikstaart of over de rug gedragen staart.
  • Te fijne ledenmaten, onvoldoende of te sterk gehoekt, niet goedgeplaatst, koehakkig, 'O'-benig of te nauw gaand.
  • Zwakke of doorgezakte pols.
  • Haze- of niet gesloten voeten.
  • Sterke afwijking van de proporties.
  • Te grove of te fijne botten.
  • Onvoldoende spiermassa.
  • Onvoldoende sluiting van de oogleden.
  • Licht golvend haar op schoft en/of rug word getolereerd maar is niet gewenst.

Fouten in de aftekening

  • Onderbroken bles
  • Te grote witte nekvlek
  • Doorlopende witte halsring
  • Onderbroken wit van de borst
  • Duidelijk verder dan tot aan de pols reikend wit. (Stiefel)

Karakterzwakte

  • Agressiviteit

Afkeuring

  • Gele roofvogel ogen, gedeeltelijk blauwe ogen, blauwe ogen
  • Krulstaart
  • Te lang, zacht haar
  • Het ontbreken van 1 van de 3 kleuren
  • Een andere dan een zwarte hoofdkleur
  • Ectropion, entropion
  • Steil gehoekte voorhand
  • Voor- of onderbeet te groot of te klein

De reuen dienen twee duidelijke normale teelballen te hebben, die zich volledig in het scrotum bevinden.

De Entlebucher in beeld

Afbeelding FCI

Afbeelding bij rasbeschrijving FCI

 

Ali von Enetbach

Ali von Enetbach

 

Jerry vom Windhuk

Jerry vom Windhuk

 

Fino von der Gänsewiesen

Fino von der Gänsewiesen

 

Benny vom Thurnerkamp

Benny vom Thurnerkamp

 

Timber von der Schiessmauer

Timber von der Schiessmauer

 

Sagom vom Stauffenfeld

Sago vom Stauffenfeld

 

Auksis Interpola

Auksis Interpola

 

Dakle vom Birrenhof

Dakle vom Birrenhof

 

Emilio van het Craveld

Emilio van het Craveld

 

Bello vom Stauffenfeld;

Bello vom Stauffenfeld

 

Berta vom Thurnerkamp

Berta vom Thurnerkamp

 

Calou vom Trualbtal

Calou vom Trualbtal

 

Dino von Raemis

Dino von Raemis

 

Halla von Frutigen

Halla von Frutigen

 

Dexter vom Bogental

Dexter vom Bogental

 

Kaspar vom Solinger Wald

Kaspar vom Solinger Wald